|
Informatie konijnen
Huisvesting
- Een konijn er bij, want hij wil liefst met een vriendje: nieuw konijn voorzichtig introduceren: eerst zodat ze mekaar kunnen zien en ruiken; eventueel in 2 aparte hokken die tegen elkaar staan en gescheiden zijn door draad. Ze kunnen dan aan elkaar wennen en we zien dan dat er eerst een soort territorium drift ontstaan van o.a plassen en poepen aan de kant van het andere hok (dus tegen de draad aan) en dus signaleren we een tijdelijke onzindelijkheid.
- Tochtvrij hok is essentieel (dus let op de verwarming)
- Niet te warm: konijnen zijn zeer gevoelig voor oververhitting
Voeding in volgorde van belangrijkheid
- Hooi, liefst gemengd hooi: zoveel mogelijk (ongeveer 80% van dagelijkse maaltijd)!!!!!!!!!
- Groenvoer: andijvie, venkel, bleekselderij, selderieknol, witlof, veldsla, waterkers, mosterdblaadjes, frambozenblaadjes, paardebloemblad, wortel en het loof van wortelen. Voor erbij een takje peterselie, takje selderie. Beperk wortels.
- Fruit beperken: in 1 week mag er 1 stuk fruit gegeven worden, niet teveel appels geven vanwege het risico op het vormen van gas in het darmstelsel.
- NIET geven: prei, ui, bieslook, bonen, erwten, mais, vaste kool, spruitjes,druiven, rozijnen, chocolade, droog brood. Deze produkten zijn voor het konijn gevaarlijk! Ook droog brood kan zorgen voor gasvorming door het hoge koolhydraatgehalte.
- Hard voer: maximaal 1 koffielepel per kg lichaamsgewicht. De voorkeur gaat uit naar pellets (korrels) zonder granen! Granen zorgen voor te hoog calcium gehalte in het lichaam waardoor gebits- en blaasproblemen kunnen ontstaan. Granen zorgen ook voor teveel koolhydraten waardoor de darmwerking sterk verstoord wordt. Er kan vervolgens een gevaarlijke situatie ontstaan! Ook kan het konijn last krijgen van aangekoekte ontlasting, waar op warmere dagen makkelijk vliegen op af komen. Vervolgens leggen de vliegen eitjes, de larven oftewel maden, vreten aan het konijn.
- Snoepjes voor konijnen zijn uit den boze: geen enkel konijn zal uit zichzelf yoghurt eten, de granen zijn ook funest voor zijn darmstelsel, er treedt bovendien makkelijk overgewicht op waardoor weer andere problemen ontstaan! De bekende knaagstenen zijn ook niet gezond voor het konijn: ook door deze stenen kan het konijn een blaassteen ontwikkelen door een verhoogde calcium waarde in het lichaam. Wilt u het konijn verwennen, doe hem dan een plezier met wat groente.
Een konijn in het wild knabbelt ongeveer 20 uur per dag aan gras, takjes en kruiden. De kauwbeweging is dan op drie manieren: horizontaal, vertikaal en zijdelings.
Als een konijn uitsluitend biks zou krijgen dan heeft hij in 40 minuten de dagelijkse energiebehoefte op. Bovendien kauwt hij dan alleen in een vertikale beweging, waardoor de gebitselementen onevenredig kunnen slijten. Dit veroorzaakte zeker tand- en kiesproblemen.
De horizontale maal-beweging (tijdens het kauwen) die essentieel is voor een juiste slijtage van de kiezen komt onvoldoende aan bod waardoor er haken op de kiezen komen. Een konijn wil graag knabbelen, kan hij dit niet op hooi, dan zal hij dit doen aan uw meubelen en aan andere voorwerpen.
Het aanbod van konijnenvoeders is divers en meestal zeer kleurrijk. Helaas voorzien zij meestal niet in datgene wat het konijn zo hard nodig heeft: vezels.
Het gebit
Het gebit van het konijn bestaat uit 4 snijtanden, 20 kiezen en 2 stifttanden. Stifttanden zijn kleine snijtandjes die achter de snijtanden van de bovenkaak staan.
De tanden en kiezen groeien gedurende het gehele leven door. De snijtanden groeien 2-2.4 mm per week. Bij een normaal gebit staan de bovensnijtanden voor de ondersnijtanden en raken de ondersnijtanden de stifttanden. Hierdoor slijten de snijtanden netjes op elkaar af. Groei en slijtage zijn in evenwicht ten opzichte van elkaar.

Het konijn maalt zijn voer door tijdens het kauwen zijn kiezen horizontaal te bewegen. Hierdoor slijten de kiezen netjes op elkaar af. De wortels van de snijtanden en de kiezen zijn diep in het kaakbot verankerd waardoor ze goed kunnen knagen. Ongeveer 2/3 van de gehele tand is wortel. De tanden en kiezen zitten vast door lamellen tussen de wortel en het slijmvlies van de tandkas.
Wanneer groei en slijtage van de tanden en kiezen niet in evenwicht zijn ontstaan problemen.
Enkele ziektes van het konijn
- Normaliter komt myxomatose alleen voor in de zomer en de nazomer. Echter dit jaar is er een uitbraak van myxomatose ontstaan o.a onder wilde konijnen, maar helaas ook bij de huis konijnen. Een te groot aantal is ziek geworden en gestorven.
- www.konijnen.nl. Zoek in de linker balk naar ziekten en medische info en ga naar myxomatose (staat bij de onderste ziektes).
- Myiasis oftewel maden: in de warmere periodes van het jaar kan het zijn dat een konijn wordt aangevreten door maden (dit zijn de larven van vliegen). Dit gebeurt normaal niet bij gezonde dieren. Als dieren niet in orde zijn of als ze voor vliegen zeer aantrekkelijk zijn door bijvoorbeeld ontlasting dat aan de staart plakt, dan lopen deze konijnen een groot risico. Binnen 1 of 2 dagen kan dit betekenen dat het konijn niet meer te redden is en dat euthanasie de enige oplossing is. Elke dag goed controleren is belangrijk in combinatie met een goede hygiëne.
- Plakpoep: wordt meestal veroorzaakt door niet uitgebalanceerde voeding en verstoring van de darmflora. Omdat dergelijke konijnen vaak ook te dik zijn, kunnen ze zichzelf niet schoonhouden. Om plakpoep tegen te gaan moet vaak het voedingspatroon aangepast worden (zie hierboven bij voedingsbehoefte).
- Olifantstanden: heel soms is dit ten gevolge van een aangeboren verkeerde stand van de snijtanden ten opzichte van elkaar. Meestal heeft het te maken met de verandering van het gebit door onjuiste slijtage. Zie ook hierboven. Het kan soms nodig zijn om de snijtanden te trekken zodat er geen gevaar meer bestaat voor doorgroeien van de tanden in het gehemelte of de neus.
- Abces: opeenhoping van afgestorven bacteriën en afweercellen. Een zeer moeilijk te behandelen aandoening bij konijnen. Het kan op elke willekeurige plek ontstaan, maar we zien het vaak bij de kaken.
Stress
Stress is voor konijnen levensgevaarlijk. Door de paniek kan een konijn namelijk acuut sterven. Denk bijvoorbeeld aan een hond die een kwartier bij het hok loopt te azen.
Ook pijn is een vorm van stress dat niet meteen dodelijk hoeft te zijn, maar dat wel gevolgen heeft voor de eetlust en de activiteit van het maagdarmstelsel: dit kan als het ware verlammen waardoor het konijn ook kan overlijden. Dit kan al binnen 1-2 dagen optreden. Daarom is een konijn dat niet eet voor ons wel een spoedgeval.
Een bezoek aan de dierenarts is voor het konijn natuurlijk ook niet prettig maar soms wel noodzakelijk. Hij zal het fijn vinden om donker vervoerd en rustig behandeld te worden. Dit zal minder stress opleveren.
Vaccinatie
Voor het konijn zijn er 2 vaccinaties van belang. Deze vaccinaties geven bescherming tegen twee zeer acuut verlopende en meestal dodelijke virussen:
- Myxomatose: wordt meestal via steekinsecten overgedragen, ook soms door direct contact. Zwelling van oogleden, oorranden, neus en genitaalstreek treden als eerste verschijnselen op. Voor meer info over myxomatose, zie hoger. Wat betreft het vaccineren hiertegen: de enting geeft een kortdurende bescherming van enkele maanden, waardoor het nodig is meermaals per jaar te vaccineren. Wij kiezen ervoor om de konijnen te enten in de risicovolle periode: voorjaar en nazomer. Eender welke enting kan nooit 100% bescherming bieden, maar mocht een dier toch besmet worden met de ziekte dan zal het verloop veel milder zijn en dus de kans op overleven groter,
- Viraal haemorrhagische syndroom: accut verlopende diarree, meestal via indirect contact met een besmet konijn overgedragen. De ene dag is er niks aan de hand, de volgende dag kan het dier dood zijn door verbloeding. De bescherming tegen deze ziekte gebeurt door 1 maal per jaar te vaccineren.
Sterilisatie/castratie
Er zijn verschillende redenen om een konijn te castreren of steriliseren. Een van de meest voorkomende reden is geboortebeperking: als konijnen van verschillend geslacht bij elkaar zitten dan is het niet wenselijk dat moeders elke maand jongen krijgt.
Een andere, belangrijke reden is het risico op baarmoederkanker bij het konijn zo klein mogelijk maken. Een voedster moet dan op jonge leeftijd reeds gesteriliseerd worden. Dan is namelijk de invloed van de vrouwelijke geslachtshormonen nog minimaal geweest waardoor ook de kans op kwaadaardigheid klein is.
Het bepalen van het geslacht van een jong konijn is niet altijd gemakkelijk. Ook een volwassen rammelaar kan zijn balletjes “verstoppen” in de buikholte waardoor hij per ongeluk voor voedster kan worden aangezien.
.© 2011 Dierenkliniek Mheenpark
|
|
|